vrijdag 3 april 2015

Aan tafel


Wie onderzoek doet bij het Centraal Bureau voor Genealogie kan soms een bijzonder inkijkje in het leven van de deftige kringen vinden. Zoals de menukaart uit 1901 van het diner ter gelegenheid van de koperen bruiloft van het echtpaar Nicolaas de Graaf (1856-1939) en Josina Margaretha Henriette de Graaf-Voûte (1858-1920).




Met daarbij een kaartje dat kan worden ingevuld voor de tafelschikking.
(Beide genealogische collectie Swellengrebel)




Maar oudere hebben we ook, zoals de menukaart uit 1871 uit de genealogische collectie Meesters:


en een prachtig geïllustreerde kaart uit 1882, uit dezelfde collectie.




maandag 9 maart 2015

Mensen van aanzien



Nu in Gen.: het artikel 'Mensen van aanzien', van Sabine Craft-Giepmans, over de tentoonstelling 'Adellijke familieportretten op Duivenvoorde'.

dinsdag 27 januari 2015

De Europäische Stammtafeln: het einde van een tijdperk
















De Duitse uitgeverij Vittorio Klostermann deelt mee dat er waarschijnlijk geen nieuwe delen meer zullen verschijnen van het vooral onder genealogen en mediëvisten bekende naslagwerk Europäische Stammtafeln

Het eerste deel van deze serie genealogieën van regerende vorstenhuizen en adellijke families verscheen in 1935 onder de titel Stammtafeln zur Geschichte der europäischen Staaten. Auteur was Wilhelm Karl von Isenburg (1903-1956), die twee jaar later als bijzonder hoogleraar Sippen- und Familienforschung zou worden aangesteld in München. Onder zijn opvolgers Frank Baron Freytag von Loringhoven (1910-1977) en Detlev Schwennicke (1930-2012) groeide het naslagwerk uit tot 29 delen met meer dan vierduizend (deel)genealogieën.

De uit Brandenburg afkomstige Schwennicke, in het dagelijkse leven luthers predikant, slaagde erin de reeks op nieuwe en ook kritischer leest te schoeien en richtte zich zelfs – anders dan zijn voorgangers – niet enkel en alleen meer op adellijke geslachten: in 1987 gaf hij een deel uit getiteld ‘Familien des Früh- und Hochkapitalismus’. Voor Nederlandse genealogen en historici zijn vooral van belang zijn vijf delen ‘Zwischen Maas und Rhein’. Die delen bevatten genealogieën van vele geslachten die een grotere of kleinere rol spelen in de middeleeuwse en vroegmoderne Nederlanden. Het vijfde en laatste deel van deze subreeks verscheen postuum, in 2013.

Naast alle waardering was er ook wel kritiek op het naslagwerk, vooral vanwege het ontbreken van voetnoten, de ouderwetse, wat onbeholpen vormgeving, en het af en toe overnemen van speculatieve afstammingsreeksen (vooral in de eerste delen). Maar er was dus vooral lof, lof met name voor Detlev Schwennicke, die niet alleen recente literatuur verwerkte in zijn genealogieën, maar ook zelf kritisch onderzoek deed, onder meer in oorkondenboeken.  

Schwennicke overleed op kerstavond 2012. Uitgever Klostermann laat nu weten er niet in geslaagd te zijn om een opvolger te vinden. Wat blijft is een indrukwekkende rij boeken die ongetwijfeld nog lange tijd een goed startpunt zullen blijven voor verder onderzoek. Een overzicht van de behandelde families is hier te vinden.

 


vrijdag 5 december 2014

Deel 98 (2013-2014) Nederland's Adelsboek verschenen


Tijdens het adelssymposium, op 28 november j.l., werden de eerste exemplaren van het laatste deel van de zogenaamde Nieuwe Historische Reeks van het Nederland´s Adelsboek aangeboden. Zowel de vice-voorzitter van de Nederlandse Adelsvereniging Mr. Ruud H.M.J. baron van Hövell tot Westerflier als redactie-edviseur Mr. Otto Schutte kregen het nieuwste deel van de reeks.

Jhr. Mr. Hubert Matthijs Adriaan
Jan van Asch van Wijck
In het boek worden de geslachten Von Winning, Van Winter, Van Haersma de With, Wittert, Wladimiroff, Wolff Metternich, Van Wolfsramsdorff, Von Wrangel auf Lindenberg, Wttewaall van Stoetwegen, Barchman Wuytiers, Van Asch van Wijck, Van der Wyck, Von Wydenbruck, De Wijkerslooth, De Wymar, Van Wijnbergen, Van Hangest d’ Yvoy, Van Zuylen van Nievelt, Van Zuylen van Nyevelt behandeld. De stamreeks Wladimiroff is nieuw in NA.

Kenau Hasselaer
De verkoopprijs bedraagt per deel € 64,- (incl. verzendkosten). Vrienden van het CBG ontvangen korting en betalen € 59,- (incl. verzendkosten). Bij bestelling vanuit het buitenland worden extra kosten (verzend- en bankkosten) in rekening gebracht.
Deze nieuwe uitgave is het twintigste en tevens laatste deel van de nieuwe historische reeks van Nederland’s Adelsboek. Als u nu alle reeds verschenen delen uit de historische reeks in een keer bestelt geldt er een speciale kortingsregeling; de prijs bedraagt dan voor de twintig delen € 796,25 (incl. verzendkosten). Vrienden betalen € 726,25 (incl. verzendkosten).

maandag 1 december 2014

Nederland's Patriciaat 93 (2014) verschijnt deze maand


Johannes van Dobben (1772-1839) Johanna van Oijen (1781-1846)
Het 93e deel van Nederland's Patriciaat bevat de genealogieën van acht geslachten, waarvan vier niet eerder werden opgenomen in Nederland’s Patriciaat (NP) en vier langer dan tweeënveertig jaar geleden. De nieuwe genealogieën zijn van de families Van Dobben, (Lammers) Lisnet, (Van der Schatte, Van de Velde) Olivier en Schepel. De heropnamen zijn van Kamerling, Schaepman, Van Spaendonck en Wyers.

Onder de heropnamen zijn drie katholieke families, waarvan Schaepman en Van Spaendonck zeer omvangrijk en Wyers van gemiddelde grootte is. Schaepman komt oorspronkelijk uit Twente en Zwolle, maar de familie werd vooral bekend door een aantal geestelijken die in de nationale politiek van de 19e eeuw opereerden. De bekendste is wel Herman Schaepman (1844-1903) als één van de voorlopers van de RKSP (Rooms-Katholieke Staatspartij). Van Spaendonck was één van de wolfabrikantenfamilies van Tilburg, met twee illustere voorgangers in de kunst met de broers Gerardus en Cornelis van Spaendonck. Zij werkten beiden als bloemenschilders aan het Franse hof aan het einde van de 18e en in het begin van de 19e eeuw. Opvallend is het grote aantal ondernemers in de jongste generaties van dit geslacht. Wyers komt uit Zuid-Limburg en besteeg de sociale ladder na binnenkomst te Dordrecht, waar in 1797 een familiefirma in manufacturen werd opgericht.
Kamerling ten slotte is een protestantse familie uit West-Brabant met wortels in Overijssel onder de naam Van Buchorst. Vooral in Breda werden ze prominent in de 17e en 18e eeuw met latere takken in Suriname, de Goudkust in West-Afrika en in Oost-Indië.

De nieuwe patriciaatsfamilies zijn over het algemeen wat kleiner en hebben een gevarieerde afkomst. Olivier dook op in Friesland in de 18e eeuw en had volgens overlevering een Franse herkomst. Naast Olivier ontwikkelden zich in Zeeland takken Van de Velde Olivier en Van der Schatte Olivier, waarvan eerstgenoemde is uitgestorven. Van der Schatte Olivier verspreidde zich in Holland. De familie Van Dobben liet van zich spreken als boekdrukkers te Haarlem in de loop van de 19e eeuw. Een nazaat kocht in 1851 de heerlijkheid Zevenhoven en Noorden en zijn nakomelingen trouwden met leden van vooraanstaande families.
(Lammers) Lisnet is een echt Nederlands-Indische familie, van wie voorvader Jan Hendrik Lisnet in 1768 te Batavia aankwam. Zijn voorouders kwamen waarschijnlijk uit het Duitse Rijk, vestigden zich te Hoorn en vandaaruit in Oost-Indië. Daar ontwikkelden zij zich als een succesvolle familie met planters en hoge ambtenaren van het binnenlands bestuur.
Schepel komt uit Noordbroek in Oost-Groningen en vanuit een agrarische achtergrond werkten enkele nazaten zich op in de nationale politiek, in het bijzonder in de Tweede Kamer der Staten-Generaal.

Nederland’s Patriciaat 93 (2014) is een uitgave van het Centraal Bureau voor Genealogie te Den Haag. ISBN/EAN 978-90-5802-100-7.
Dit deel omvat XVI en 499 pagina’s, met 2 schema’s, 12 wapentekeningen, 90 familieportretten,
een lijst van 1795 opgenomen geslachten in 93 jaargangen en met een index.

De prijzen zijn voor Vrienden van het CBG € 48,- (afgehaald) en € 53,- (per post).
Voor niet-Vrienden kost een exemplaar € 53,50 (afgehaald) en € 58,50 (per post).

Te bestellen per email of telefonisch (070 - 3150 510).

vrijdag 21 november 2014

28 november: CBG-symposium over 200 jaar Nederlandse adel

Voor de geschiedenis van de Nederlandse adel is 2014 een bijzonder jaar. Allereerst omdat de door Willem I ingestelde Koninkrijksadel zijn tweehonderdste verjaardag viert. Die gebeurtenis is afgelopen zomer feestelijk herdacht in de Ridderzaal met de presentatie van het Wapenregister van de Nederlandse adel. In november wordt bovendien de huidige historische reeks van Nederland’s adelsboek, onder ingewijden ook wel ‘het rode boekje’ genoemd, afgesloten.

19de-eeuws harnas, C.J. Begeer
Deze serie begon in 1988 en had – net als eerdere historische reeksen – de ambitie om de hele Nederlandse adel sinds 1814 te boekstaven. Ook de stamreeksen van de bijna zeshonderd hiertoe behorende adellijke families werden kritisch onderzocht. Het genealogisch onderzoek bleek veel meer tijd in beslag te nemen dan aanvankelijk werd gedacht, maar mede dankzij subsidiënten kan nu, 26 jaar later, toch het twintigste en laatste deel van de reeks worden gepresenteerd. Een onmisbaar naslagwerk is het resultaat, niet alleen voor de Nederlandse adel, maar ook en vooral voor genealogen, historici, kunsthistorici, sociale wetenschappers, enzovoorts.
In samenwerking met de Stichting Werkgroep Adelsgeschiedenis en het Koninklijk Nederlandsch Genootschap voor Geslacht- en Wapenkunde organiseert het Centraal Bureau voor Genealogie op 28 november a.s. bij de voltooiing van de nieuwe historische reeks van  Nederland’s adelsboek het symposium ‘Nederlandse adel 1814-2014: genealogie – heraldiek – iconografie’.
In twaalf korte presentaties gaan evenveel deskundige sprekers in op de drie pijlers van het ‘rode boekje’: genealogie, heraldiek en iconografie. Deze drie thema’s bieden samen een verrassend licht op twee eeuwen Nederlandse adelsgeschiedenis. 
In de ochtendsessie staat genealogie centraal. In de eerste helft van de negentiende eeuw was het boekstaven van de Nederlandse adel het werk van antiquarische geschiedschrijvers. Prof. Yme Kuiper zal de wonderlijke wereld van de geleerde genealoog jhr. Montanus de Haan Hettema, auteur van het Stamboek van de Friese adel voor het voetlicht brengen. Daarbij laat hij zien dat in het jonge koninkrijk romantiek en geschiedvorsing hand in hand gingen. In de tweede helft van negentiende eeuw werden de eerste pogingen gedaan om naar buitenlands voorbeeld tot genealogische verzamelwerken te komen waarin alle adellijke families van het Koninkrijk een plaats zouden krijgen. In 1903 resulteerden die pogingen in het eerste deel van Nederland’s Adelsboek. Gaandeweg kreeg kritisch onderzoek in het ‘rode boekje’ meer ruimte. Uit de reacties op ‘onthoofde stamreeksen’ en de voortdurende betrokkenheid van adellijke families op hun oorsprong en afkomst blijkt echter dat oorsprongsverhalen en genealogisch bewustzijn in moderne adelsconcepten een vooraanstaande plaats blijven innemen.
Naast genealogie vormt heraldiek een belangrijk instrument van adellijke representatie. De heraldische afbeeldingen in ieder hoofdstuk van het adelsboekje vormen de neerslag van de officiële registratie van adellijke familiewapens door de Hoge Raad van Adel. In drie voordrachten zal worden ingegaan op het proces van registratie bij de Raad, het werk van voor de Raad werkzame wapentekenaars en op de spanning tussen heraldische regelgeving en praktijk.
In de laatste sessie wordt nader ingegaan op de iconografie van de Nederlandse adel. Al sinds de beginjaren worden in Nederland’s Adelsboek fotoportretten van edelen opgenomen. Voor de oorlog zorgde dit nogal eens voor problemen, omdat de redactie geen plaats wenste in te ruimen voor wat zij ‘hansworsten’, ‘janklaassens’ en ‘snobs’ noemde. In latere jaargangen kwam er steeds meer ruimte voor portretten: van oude olieverfschilderijen, gravures en pastels tot daguerreotypieën en soms zelfs een informeel kiekje. Hoog tijd om eens nader te kijken naar de portrettradities binnen de Nederlandse adel in de negentiende en twintigste eeuw. 

Programma
10.30-10.40  Redmer Alma (voorzitter Werkgroep Adelsgeschiedenis) –  Inleiding

I. Genealogie

10.40-11.00  Prof. Yme Kuiper (RU Groningen) – De uitvinding van de Friese adel

11.00-11.20  Conrad Gietman (CBG/Hoge Raad van Adel) – Een bolwerk tegen de herenhaterij. Aristocratische genealogiebeoefening in Nederland (1850-1950)

11.20-11.40 Daan de Clercq (Hist. Bureau De Clercq) – ‘Gesprooten uute stadt van Gendt’? Familieoverlevering en modern genealogisch onderzoek naar de familie Van Utenhove

11.40-12.00  Tom de Witt Hamer (voorzitter KNGGW) – Van het blauwe naar het rode boekje: Versélewel de Witt Hamer

12.00-12.15  Discussie

12.15-13.30  Lunch 

II. Heraldiek

13.30-13.50 Jos van de Borne (Hoge Raad van Adel) – De registratie van adellijke wapens bij de Hoge Raad van Adel

13.50-14.10 Henk ’t Jong (Historisch Adviesbureau ’t Scrapeel) – De wapentekenaars van de Hoge Raad van Adel en hun invloed op de perceptie van adellijke wapens in Nederland

14.10-14.30 Guus van Breugel (CBG) – Adellijke heraldiek: perceptie, pretentie en toepassing

14.30-14.45 Discussie

14.45-15.20  Theepauze

III. Iconografie

15.20-15.40  Sabine Craft (RKD) – Portretten uit de historische collectie van kasteel Duivenvoorde ca. 1800-1950: een casestudy

15.40-16.00  Hans Rooseboom (Rijksmuseum) – Een nieuwe kunst, een nieuwe illusie

16.00-16.15  Discussie

Slot

16.15-16.30 Zwanet Plomp (CBG) – Blauw bloed in een rood boekje. Herinneringen aan 35 jaar Nederland’s Adelsboek

16.30 Aanbieding eerste exemplaren van het laatste deel van de historische reeks van Nederland’s Adelsboek

16.45 Afsluitende borrel

Het symposium vindt plaats bij het Centraal Bureau voor Genealogie, Prins Willem-Alexanderhof 22, 2595 BE Den Haag. De kosten voor deelname (inclusief koffie, thee, lunch, borrel na afloop) bedragen voor vrienden-donateurs van het CBG en leden van de Stichting Werkgroep Adelsgeschiedenis en het KNGGW (inclusief koffie, thee, lunch, borrel na afloop) € 25,-, overige belangstellenden betalen € 30,-.

U kunt het symposium bijwonen door een mail te sturen naar registratie@cbg.nl onder vermelding van ‘Adelssymposium’. U ontvangt dan een factuur. De reservering is pas definitief na betaling van de factuur. De mogelijkheid tot inschrijving is inmiddels gesloten. (Uitverkocht.)

woensdag 10 september 2014

Inhoud Virtus, jaargang 2013

Virtus, Jaarboek voor Adelsgeschiedenis, is sinds 2003 het rijk geïllustreerde jaarboek van de Stichting Werkgroep Adelsgeschiedenis. Naast een aantal kortere artikelen bevat Virtus 2013 (jaargang 20) de volgende hoofdartikelen:

  • De Gelderse bannerheren in de vijftiende eeuw, door Henny Denessen
  • Van Haren's Church (1682-1686). Contested space and other paradigms for the construction of early modern nobility, door Kees Kuiken
  • Dutch test acts. Oaths, office holding and the catholic nobility in the province of Utrecht, c. 1580-1700, door Jaap Geraerts
  • American mimicry? De planteraristocratie en de Amerikaanse burgeroorlog, door Wybren Verstegen
  • 'Gelukkig heb ik ten minste mijn eigen zilver meegebracht'. Adellijk zelfbesef bij mr. J.P. graaf Van Limburg Stirum (1873-1948), door Elisabeth Locher-Scholten
Daarnaast bevat Virtus dit jaar een speciaal dossier over buitenplaatsen:
  • Onderweg naar nieuw onderzoek van de buitenplaatscultuur in Nederland en België. Een inleiding op het recensiedossier kastelen en Buitenplaatsen, door Yme Kuiper en Hanneke Ronnes
  • Van het ene kasteel naar het andere. Drie bundels nader bekeken, door Yme Kuiper
  • Vechtse tuinen, een Utrechts landgoed en historische buitenplaatsen. Drie recente publicaties, door Wendy Landewé
  • De Nederlandse buitenplaats. Van biotoop tot kroonjuweel, door Elyze Storms-Smeets
  • Onder castellologen. Drie recente studies over kastelen in Nederland, door Hanneke Ronnes
  • Een langverwachte inhaalbeweging. Recente studeis over kastelen en buitenplaatsen in België, door Dries Raeymaekers

Leden van de Stichting Werkgroep Adelsgeschiedenis ontvangen Virtus ieder jaar kosteloos. Een lidmaatschap kost € 20,- (Studenten € 15,-). Zie website.